Vakmanschap
Functioneel beheer is een vak, geen functie
Vraag tien organisaties wat functioneel beheer is en je krijgt tien keer een takenlijst terug. Wijzigingen verzamelen, releases testen, gebruikers ondersteunen, het pakket bewaken. Alsof het werk klaar is zodra de lijst is afgevinkt.
Zo ontstaat de postbode. De beheerder die de wens van de gebruiker noteert, hem doorschuift naar de leverancier en het antwoord weer teruggeeft. Een postbode met een testscript. Hij doet niets fout op de lijst, en toch wordt de informatievoorziening jaar na jaar niet beter. Want een postbode denkt niet mee. Een vakman wel.
Dat is het verschil tussen een functie en een vak. Een functie kun je beschrijven in een rolprofiel. Een vak niet. Een vak zit in de manier waarop iemand een probleem aanpakt dat nog niemand precies zo heeft gezien. De ervaren beheerder voelt aan een wijzigingsverzoek of er een addertje onder het gras zit, lang voordat hij het kan uitleggen. De beginner vinkt het verzoek af en loopt drie weken later tegen de gevolgen aan. Hetzelfde verzoek, hetzelfde systeem, twee totaal verschillende uitkomsten.
Het vak laat zich niet vangen in één niveau
Operationeel, tactisch én strategisch. De postbode ziet alleen het eerste.
Operationeel houd je de boel draaiende. Tactisch vertaal je wat de organisatie wil naar wat het systeem moet kunnen. Strategisch denk je mee over waar de informatievoorziening jaren vooruit heen moet.
De postbode ziet alleen het eerste niveau, want de andere twee vragen dat hij meedenkt. En meedenken staat niet op de lijst.
Motivatie weegt zwaarder dan talent
Hoe word je die vakman? Niet door een training te volgen en een certificaat aan de muur te hangen. Een certificaat bewijst dat je de begrippen kent, niet dat je het vak beheerst. Vakmanschap groeit door herhaling. Door honderd keer hetzelfde soort probleem tegen te komen en er elke keer iets scherper op te reageren. De tiende keer dat een gebruiker zegt "het werkt niet" weet je dat hij iets anders bedoelt dan de eerste keer. Die ervaring koop je niet, die bouw je op.
En daar zit een ongemakkelijke waarheid. Veel mensen denken dat je voor dit werk talent moet hebben. Dat je het kunt of niet. Mijn ervaring is anders. Wie goed wordt in functioneel beheer, is zelden de slimste in de kamer. Het is degene die wil blijven leren. Die zich ergert aan een oplossing die net niet klopt en hem daarom natrekt. Die geen genoegen neemt met "het werkt nu" als hij voelt dat het beter kan.
Dat is goed nieuws, want het betekent dat het vak te leren is. Voor iedereen die de tijd en de aandacht geeft die een ambacht vraagt. Niet in een week, niet in een cursus, maar wel echt.
Een vakman heeft ruimte nodig
Het vraagt ook iets van de organisatie. Een vakman heeft ruimte nodig. Ruimte om door te vragen, om nee te zeggen tegen een wens die niet deugt, om mee te denken op niveaus waar hij vaak niet wordt uitgenodigd. Die ruimte krijg je zelden cadeau; je neemt hem, door je werk zichtbaar te maken. Niet door te melden dat je een wijziging hebt getest, maar door te laten zien welk probleem je vóór was.
Behandel je beheerder als postbode en je krijgt postbodewerk. Geef hem de ruimte van een vakman en je krijgt iemand die de informatievoorziening vooruit helpt.
De volgende keer dat iemand vraagt wat jij doet, let op je eigen antwoord. Som je een lijst op? Of vertel je over een probleem dat je zag aankomen toen niemand anders het zag? Dat antwoord verraadt of je een functie invult, of een vak beoefent.
Daarom schrijft, spreekt en traint Daniël
Als functioneel beheer een vak is, dan verdient het de aandacht die een vak verdient. Vakliteratuur, een serieuze opleiding en een podium om erover te praten. Daar komt al het werk van Daniël uit voort.